Mensen met een Beperking

afrondingsopdracht 1

Ik heb gekozen voor de opdrachten:

1. Zoek uit hoe de woonbegeleiding (vormen en soorten woonvoorzieningen) zijn georganiseerd in Nederland voor mensen met een beperking en geef weer in een kort verslag (max. 2 pagina’s)

2. Zoek uit hoe de activiteitenbegeleiding en het werk voor mensen met een beperking is georganiseerd in Nederland en geef weer in een kort verslag (max. 2 pagina’s

Zoek uit hoe de woonbegeleiding (vormen en soorten woonvoorzieningen) zijn georganiseerd in Nederland voor mensen met een beperking en geef weer in een kort verslag. (max. 2 pagina’s)

Verschillende soorten woonmogelijkheden in Nederland:

Soms lukt het mensen met een beperking nog niet, of niet om zelfstandig te wonen. Bijvoorbeeld omdat iemand met een beperking aanpassingen rond om de woning nodig heeft, iemand lichamelijke en praktische hulp nodig heeft. Het kan ook voorkomen dat iemand begeleiding nodig heeft bij het dagelijks leven. Er zijn in Nederland veel verschillende soorten woonmogelijkheden het varieert van volledig zelfstandig tot geheel verzorgt. De verschillende woonvoorzieningen die we in Nederland hebben zijn:

begeleid wonen, ADL -clusterwoning, grote woonvormen, kleine woonvormen, thomashuizen en woonbegeleiding voor mensen met een auditieve beperking.

Begeleid wonen bij mensen met een lichamelijke beperking houdt in dat iemand zelfstandig woont en daarbij begeleiding krijgt vanuit een zorginstelling. Het is een woonvorm die bedoelt is voor mensen die helemaal zelfstandig willen gaan wonen, maar die wel graag begeleiding willen bij de overgang van een vertrouwde woonomgeving naar zelfstandig wonen. De woning wordt gehuurd bij de instelling die ook de zorg bied. Dit kan zijn van een woningcorporatie of particulier. Begeleid wonen voor mensen met een verstandelijke beperking werkt net wat anders. Het begeleid wonen voor mensen met een verstandelijke beperking houdt in dat iemand zelfstandig woont en zelf een huur of koopcontract heeft. Tee tot vier uur in de week komt er iemand langs voor de begeleiding. Dit kan zijn voor dingen als het regelen van geldzaken, bij het koken of bij het onderhouden van contacten.

Het begeleid wonen voor mensen met een verstandelijke beperking heet ook wel ‘begeleid zelfstandig wonen’(BZW).

Een ADL-clusterwoning maakt deel uit van een cluster van twaalf tot vierentwintig woningen die rond een centrale hulppost liggen. ADL- clusterwoning komen voor in gewone woonwijken. Het is een woning die een aangepaste keuken. Aangepaste douch-toiletruimte, alarm en intercomapparatuur en elektrische deurontgrendeling heeft. Naast deze aanpassingen zijn er ook nog altijd individuele aanpassingen mogelijk. Deze woningen zijn bedoelt voor mensen met een lichamelijke beperking die zelfstandig willen en kunnen wonen.

In grote woonvromen wonen mensen met lichamelijke of meervoudige beperkingen bij elkaar. De mensen leven zo zelfstandig mogelijk. Meestal is in een grote woonvorm alles bij de hand. Mensen krijgen hulp bij dagelijkse bezigheden, maaltijden, geneeskundige hulp en activiteiten voor overdag. Mensen delen zelf hun dag in en doen daarbij zoveel mogelijk zelf. Als ze hulp nodig hebben kunnen ze dit vragen. Om in een grote woonvorm te kunnen wonen heeft iemand een indicatie nodig.

Kleine woonvormen zijn bedoelt voor mensen met een lichamelijke beperking. Kleine woonvormen worden ook wel gezinsvervangende tehuizen voor lichamelijke gehandicapten genoemd. Mensen kunnen er met zorg en begeleiding op een redelijk zelfstandige manier wonen. Ze wonen er met vijftien tot veertig andere mensen. In de meeste kleine woonvormen heeft iedere bewoner zijn eigen kamer. Maar er worden wel een aantal voorzieningen gedeeld als een keuken en een gemeenschappelijke huiskamer. In kleine woonvormen is beperkte hulp mogelijk. Er is AL-hulp en begeleiding. Kleine woonvormen komen verspreid in Nederland voor en je kunt ze vinden in gewone woonwijken. Ook om in deze woonvorm te kunnen wonen heeft iemand een indicatie nodig.

Een Thomashuis is een kleinschalige woonvoorziening voor zes tot acht mensen met een verstandelijke beperking. In elk huis zijn in principe twee zorgondernemers. Dit zijn meestal echtparen of partners die zelf ook bij het Thomashuis wonen.in elk huis zijn in principe twee zorgondernemers. Dit zijn meestal echtparen of partners die zelf ook bij het Thomashuis wonen. Deze echtparen of partners zijn eindverantwoordelijk voor de zorg en ondersteuning aan de bewoners. Het Thomashuis is een eigen bedrijf. De zorgondernemers moeten zelf ook bij het pand wonen. Thomashuizen zijn er in allerlei soorten en maten en staan verspreid over heel Nederland. De Thomashuizen Nederland vindt het belangrijk dat door de Thomashuizen mensen met een verstandelijke beperking een leuker en beter leven krijgen.

Mensen die een auditieve handicap hebben wonen bijna altijd zelfstandig. Als deze mensen woonbegeleiding nodig hebben heeft dit meestal te maken met communicatieproblemen. Dit kan komen door bijvoorbeeld de gemeente of de woningbouwvereniging. Een woonbegeleiding helpt ook bij het aanvragen van voorzieningen en hulpmiddelen zodat iemand met een auditieve handicap zelfstandig kan blijven wonen.

Wooninitiatieven:

De meesten mensen willen graag zelf beslissen over hoe ze wonen. Veel mensen met een beperking zetten daarom alleen of samen met anderen een eigen woonvorm op. Deze projecten zijn vaak bekend als wooninitiatieven, ouderinitiatieven of cliëntinitiatieven. Zo kunnen mensen met een beperking zelf bepalen met wie en waar ze wonen en welke zorg en begeleiding ze graag zouden willen.

Logeren:

Voor mensen die altijd thuis gewoond hebben kan het fijn zijn om eerst rustig te ontdekken hoe het is om uit huis te gaan. Dit kan iemand doen door te gaan logeren in een logeerhuis of een woonvorm. Er kan bijvoorbeeld worden afgesproken om er een weekend in de maand te logeren of een vaste dag in de week.

Zoek uit hoe de activiteitenbegeleiding en het werk voor mensen met een beperking is georganiseerd in Nederland en geef weer in een kort verslag (max. 2 pagina’s

Werk voor mensen met een beperking:

Recht op werk:

Mensen werken om geld te verdienen. Werk maakt dat iemand zich belangrijk voelt, geeft zin aan je leven en werk is ook belangrijk als ontmoetingsplek. Door te werken leer je mensen kennen en wordt je sociale kring groter.

De regering moet zorgen dat er genoeg kans is om een baan te vinden. Dit is volgens de wet. Want iedereen heeft het recht om te kiezen wat voor werk hij of zei zou willen doen.

Veel mensen vinden een baan via vrienden of familie. Dit geld ook voor mensen met een beperking. Als het toch niet lukt om werk te vinden is er hulp van het centrum van werk en inkomen(CWI). Het CWI kan subsidie geven aan bedrijven die werknemers met een beperking in dienst nemen. Met dat geld betalen de bedrijven een deel van de loon of de begeleiding. Ook zorgen zorgverzekeringen voor geld voor de begeleiding. Dit heet persoonsgebonden budget(PGB). De PGB moet de werknemer aanvragen.

Begeleiding:

Een begeleider is er om iemand met een beperking te leren wat er moet gebeuren in de nieuwe baan. De begeleider kan ook collega’s uitleggen hoe je met elkaar omgaat. De begeleider wordt een job coach genoemd. Mensen met een beperking merken vaak dat mensen die geen beperking hebben hen raar vinden. Een job coach is er dan om uit te leggen dat iedereen gelijk is en dat pesten niet is toegestaan. Maar dat praten met elkaar een goede manier is. Mensen met een beperking die geen gewone baan kunnen vinden kunnen ook naar de sociale werkvoorziening. In Nederland werken daar ongeveer 30.000 mensen met een verstandelijke beperking. Dat is bijna de helft van de Nederlanders met een verstandelijke beperking. Deze mensen krijgen een gewone salaris. Dit is geregeld in de WSW wet. De WSW heeft eigen werkplaatsen. Het kan ook zo zijn dat de WSW de werknemers in een gewoon bedrijf laat werken. Iemand die in de WSW wil werken moet zelfstandig kunnen werken. Daarom is er ook altijd een keuring en een wachtlijst. Mensen die zijn goed gekeud moeten wachten tot er een plaats vrij komt.

Dagbesteding:

Voor mensen met een beperking zijn er ook centra voor dagbesteding. Ook op een dagbesteding wordt gewerkt. Het is alleen onbetaald werk. Een dagbesteding krijgt geld uit de zorgverzekering (AWBZ). Mensen die naar een dagbesteding mogen kunnen vragen of dat AWBZ- geld als persoonsgebonden budget krijgen. Dit budget mag weer gebruikt worden om ergens anders onbetaald werk te doen. Dit kan bijvoorbeeld in een gewoon bedrijf zijn. Mensen met een beperking die onbetaald werk doen houden meestal een Wajong- uitkering.


Comment Stream